Heb ik ineens een vreselijk liedje in mijn hoofd.
"Unbreak my heart" van Tony Braxton galmt door mijn brein, zomaar.
Zonder dat ik hierom gevraagd heb.
"Ontbreek mijn hart...", vrij-vertaal ik hardop.
Eigenlijk best een mooie zin.
Ontbreek mijn hart.
Als dat toch eens zou kunnen.
Als iets of iemand ervoor zou kunnen zorgen dat je hart "ontbroken" werd.
Ontdaan van elke barst, ieder litteken dat het in de loop der jaren heeft opgelopen en met zich meedraagt.
Zodat het weer als nieuw, vol geloof en goede moed zou kunnen kloppen.
Zou dat het leven dan gemakkelijker maken?
Zorgelozer?
Zou mijn persoonlijke onzekerheid en twijfel dan weg zijn, omdat de krassen van de middelbare schoolse pesterijen weggepolijst zijn? Als er ergens om mij heen gelachen wordt, zou ik dat dan niet langer op mijzelf betrekken?
Zou zich dan geen brok meer opdringen, wanneer ik mijn kinderen afzet voor dat veel te leuke, mooie huis waar hun vader doodleuk met die ander verder leeft?
Zou het afgedankte gevoel dan weg zijn, alsof het er nooit is geweest?
Zou mijn maag zich dan niet langer keren als ik denk aan die prachtige stad, waar mijn grootste liefde geen ware liefde bleek te zijn? Zou ik dan vergeten dat mij beloofd was te blijven, wat er ook gebeurt?
Zou ik dan soepel en moeiteloos door het leven glijden?
Misschien wel.
Zodra ik mij hiervan een voorstelling probeer te maken merk ik dat ik er een heel dubbel gevoel bij heb.
Want het lijkt misschien best mooi, zo'n zorgeloos en onbeschadigd leven.
Maar ja.
Dan kabbelt het wat voort.
Is er niets om je druk om te maken.
Niets wat je nog ontvlamt of indeukt.
En als het dan een keer mis gaat, kun je dan nog wel tegenslag aan?
Is dan niet iedere mug direkt een enorme olifant...?
Dat kabbelen heb ik lang meegemaakt.
Maar dat water is overgegaan in een woelig stromende beek,
die na iedere bocht ineens weer tot stilstand of juist in een onverwachte stroomversnelling kan komen.
Dat is soms erg frustrerend.
Maar ook spannend en interessant.
En bovenal, het geeft me pas echt het gevoel dat ik leef.
Nee, dan kies ik toch liever voor wat ik heb.
Ik koester mijn hart.
Met alle barsten die het met zich meedraagt.
Wie weet, heelt het ooit nog vanzelf.
Barsten groeien dicht.
En littekens...ach.
Littekens zijn sexy.
donderdag 27 september 2012
maandag 24 september 2012
Afscheid
In dit huis wordt gestorven
En ik ben te gast
Zijn lichaam is overmeesterd
De dood vreet hem op, van binnenuit
Hij kan niet anders dan zich onderwerpen
Zijn lijf en leven afstaan
Elke dag een beetje meer
En buiten loopt een hond
gewoon door de tuin
Hij vraagt hoe het met me gaat
Wat moet ik daarop zeggen
Alles wat me bezig houdt
valt vandaag in het niet
Want hij gaat dood
En ik blijf leven
Dus stamel ik iets kleins
En hoop dat het onderwerp
snel weer neutraliseert
tot niet-over-mij
En buiten raast een vliegtuig
gewoon voorbij
We wisselen laatste blikken
Delen laatste woorden
Lachen om laatste grappen
Kussen een laatste zoen
Sterkte en het-ga-je-goed
Het was fijn
nog één keer samen te zijn
In de auto naar huis
mag ik even huilen
Om hem die ik nooit meer zal zien
En de oneerlijkheid
waar hij slachtoffer van werd
En buiten grazen de koeien
gewoon maar door
En ik ben te gast
Zijn lichaam is overmeesterd
De dood vreet hem op, van binnenuit
Hij kan niet anders dan zich onderwerpen
Zijn lijf en leven afstaan
Elke dag een beetje meer
En buiten loopt een hond
gewoon door de tuin
Hij vraagt hoe het met me gaat
Wat moet ik daarop zeggen
Alles wat me bezig houdt
valt vandaag in het niet
Want hij gaat dood
En ik blijf leven
Dus stamel ik iets kleins
En hoop dat het onderwerp
snel weer neutraliseert
tot niet-over-mij
En buiten raast een vliegtuig
gewoon voorbij
We wisselen laatste blikken
Delen laatste woorden
Lachen om laatste grappen
Kussen een laatste zoen
Sterkte en het-ga-je-goed
Het was fijn
nog één keer samen te zijn
In de auto naar huis
mag ik even huilen
Om hem die ik nooit meer zal zien
En de oneerlijkheid
waar hij slachtoffer van werd
En buiten grazen de koeien
gewoon maar door
Labels:
alledaags,
grijze wolken,
zwarte wolken
zaterdag 15 september 2012
Slechte huid
Kan iemand mijn vel recht trekken?
Ik zit er zo slecht in
Alsof zwaartekracht nu meester is
over mijn lichaam
en mijn geest
De wereld voelt log
Ik krijg mezelf niet in beweging
Als in die droom
waarin je wilt rennen
maar niet vooruit komt
De dag kruipt traag voorbij
Ze heeft geen haast
Wat kan het haar ook schelen
dat ik hier zit te wachten
tot ze afgelopen is
Hopend dat de volgende beter zal zijn
Minder zwaar en stroperig
Wat kan ik anders doen
dan wachten
Gewoon maar weer wachten
tot het over gaat
Morgen is vast alles anders
Ik zit er zo slecht in
Alsof zwaartekracht nu meester is
over mijn lichaam
en mijn geest
De wereld voelt log
Ik krijg mezelf niet in beweging
Als in die droom
waarin je wilt rennen
maar niet vooruit komt
De dag kruipt traag voorbij
Ze heeft geen haast
Wat kan het haar ook schelen
dat ik hier zit te wachten
tot ze afgelopen is
Hopend dat de volgende beter zal zijn
Minder zwaar en stroperig
Wat kan ik anders doen
dan wachten
Gewoon maar weer wachten
tot het over gaat
Morgen is vast alles anders
Labels:
zwarte wolken
vrijdag 31 augustus 2012
Naast de boom pissen
Het is het mooiste park dat we hebben in Eindhoven.
Het Philips de Jong Park.
Vernoemd naar de vrouw van Anton Philips, wat toch wel schattig is.
(Overigens kwam er later nog een park bij dat naam van Frits Philips' echtgenote draagt.
Die wilde misschien ook persé...dat vind ik dan weer minder schattig.
Het is ook een beduidend minder mooi park.
Maar dat terzijde.)
Anton heeft het park vernoemd naar zijn grote liefde.
En eigenlijk is het qua uiterlijk ook echt een liefdespark.
Met prachtige bomenlanen en grindpaden die sierlijk rond gezellige picknickvelden kronkelen.
Gigantische rodondendrons die in alle kleuren bloeien in het voorjaar.
Overal bankjes om op te tortelen.
En het mooiste van alles, zijn de namen.
Als je over de paden wandelt kom je ze in bijna elke bast tegen.
Namen van liefjes, voor hun liefjes.
Meestal met een hart erbij.
Ze zijn vaak zo oud dat je ze bijna niet meer kan lezen.
Maar af en toe verschijnt er ook ineens weer ergens een verse.
Ik heb eens een hele wandeling foto's lopen maken van al die basten met boodschappen.
Het heeft iets oubollig romantisch, namen in basten kerven.
Ik vind het prachtig.
Ooit doet iemand dit voor mij, misschien, wie weet.
Maar toch.
Ik kom er meestal in het begin van de middag.
Het is er altijd rustig, je komt niet veel mensen tegen.
Her en der een klein clubje wandelende Philips-werknemers in hun lunchpauze.
Soms een mens-met-hond.
Of een mens-zonder-baan-maar-met-enkel-nog-bier.
Af en toe een tortelend stelletje op een bankje.
En daar zit nou mijn "maar toch".
Want je zou denken dat dat hier goed past, tortelende stelletjes.
In dit liefde-overgoten park.
Maar ik heb zo mijn donkerbruine vermoeden dat deze stelletjes hier niet voor niets komen.
Het park is een uitgelezen plek om in stilte samen te zijn.
Zonder dat je de kans loopt om iemand tegen te komen die je kent.
Dat vermoeden wordt naar mijn idee keer op keer bevestigd.
Op het moment dat één van de twee in de gaten krijgt dat er iemand langs komt wandelen.
Een schichtige blik mijn richting in.
Kennen we haar?
Pfff...nee.
In mijn persoonlijke volksmond noem ik het hier dan inmiddels ook al geruime tijd het Vreemdgangerspark.
Ik groet ze altijd vriendelijk hoor, de bedriegers.
Wat kan mij het schelen.
Maar toch, denk ik altijd wel even, wanneer ik glimlach en doorloop.
Ik heb jullie wel door.
Stouterts.
Het Philips de Jong Park.
Vernoemd naar de vrouw van Anton Philips, wat toch wel schattig is.
(Overigens kwam er later nog een park bij dat naam van Frits Philips' echtgenote draagt.
Die wilde misschien ook persé...dat vind ik dan weer minder schattig.
Het is ook een beduidend minder mooi park.
Maar dat terzijde.)
Anton heeft het park vernoemd naar zijn grote liefde.
En eigenlijk is het qua uiterlijk ook echt een liefdespark.
Met prachtige bomenlanen en grindpaden die sierlijk rond gezellige picknickvelden kronkelen.
Gigantische rodondendrons die in alle kleuren bloeien in het voorjaar.
Overal bankjes om op te tortelen.
En het mooiste van alles, zijn de namen.
Als je over de paden wandelt kom je ze in bijna elke bast tegen.
Namen van liefjes, voor hun liefjes.
Meestal met een hart erbij.
Ze zijn vaak zo oud dat je ze bijna niet meer kan lezen.
Maar af en toe verschijnt er ook ineens weer ergens een verse.
Ik heb eens een hele wandeling foto's lopen maken van al die basten met boodschappen.
Het heeft iets oubollig romantisch, namen in basten kerven.
Ik vind het prachtig.
Ooit doet iemand dit voor mij, misschien, wie weet.
Maar toch.
Ik kom er meestal in het begin van de middag.
Het is er altijd rustig, je komt niet veel mensen tegen.
Her en der een klein clubje wandelende Philips-werknemers in hun lunchpauze.
Soms een mens-met-hond.
Of een mens-zonder-baan-maar-met-enkel-nog-bier.
Af en toe een tortelend stelletje op een bankje.
En daar zit nou mijn "maar toch".
Want je zou denken dat dat hier goed past, tortelende stelletjes.
In dit liefde-overgoten park.
Maar ik heb zo mijn donkerbruine vermoeden dat deze stelletjes hier niet voor niets komen.
Het park is een uitgelezen plek om in stilte samen te zijn.
Zonder dat je de kans loopt om iemand tegen te komen die je kent.
Dat vermoeden wordt naar mijn idee keer op keer bevestigd.
Op het moment dat één van de twee in de gaten krijgt dat er iemand langs komt wandelen.
Een schichtige blik mijn richting in.
Kennen we haar?
Pfff...nee.
In mijn persoonlijke volksmond noem ik het hier dan inmiddels ook al geruime tijd het Vreemdgangerspark.
Ik groet ze altijd vriendelijk hoor, de bedriegers.
Wat kan mij het schelen.
Maar toch, denk ik altijd wel even, wanneer ik glimlach en doorloop.
Ik heb jullie wel door.
Stouterts.
Labels:
alledaags,
liefde,
witte wolken
Abonneren op:
Posts (Atom)



