maandag 2 januari 2012

Nietsheid

Ik hou van januari
Het is een schone, rustige maand
Al het gedoe is achter de rug
De wereld valt even stil
Rust uit
In januari gebeurt niets
En dat vind ik heerlijk

We maken ons klaar voor het komende jaar
Daar hebben we januari voor
Straks komt de volgende maand
En dan beginnen we weer
Met het gedoe
Al het levensgedoe

Maar voor nu
Nog even
Helemaal
Niets

Gelukkig Nieuwjaar
Hoop ik


























dinsdag 6 december 2011

Hatsjoe

Vanmiddag moest ik niesen
Eén
Twee
Drie keer

Gezondheid

Nu mocht ik een wens doen, werd mij verteld

Ik dacht even na
Maar kwam al vrij snel tot de conclusie
dat ik momenteel niets te wensen heb

Ik ben tevreden

Wat zalig toch
Dat alles goed genoeg is






zondag 4 december 2011

HonDverantwoord

Ik weet dat het hondenpedagogisch gezien niet juist is.
Maar het is zo verdomde gezellig!
Zo'n grote, warme joekel naast je op de bank.

Voor de hondenleken onder ons:
Jij als baas bent de roedelleider.
De ranghogere.
De hond hoort onderaan de rangorde te staan binnen de roedel.
De ranghogere krijgt altijd als eerste zijn eten.
De hond dus als laatste.
De ranghogere gaat altijd als eerste het huis binnen.
De hond als laatste.
De ranghogere moet letterlijk hoger zitten dan de rest.
Dus jij op de bank, de hond op de grond.
Bij honden die de neiging hebben dominant te zijn,
is het belangrijk om hier heel consequent in te zijn.

Dat heb ik best lang volgehouden.
Maar de laatste tijd sta ik, leider van mijn roedel, het toe
dat mijn laagstgeordende telg zo af en toe eens bij me op de bank mag.
Als de rest van de club zich buiten de deur bevindt, of in bed ligt.
Wanneer we met zijn tweetjes zijn en niemand anders erbij.
Dan gaat er een dekentje op, wat voor hem een duidelijk signaal is.
Nu mag hij op de bank.
Bij de baas!

Zodra het dekentje ligt, klautert hij enthousiast omhoog.
Na een korte voorstelling van draaikonterij, want hoe zal ik nou eens gaan liggen,
rechtsom...linksom...toch rechtsom...vleit hij zich naast me.
Liefst zo dicht mogelijk tegen me aan.
Niet altijd handig, want ik wil nog kunnen schrijven.
Opschuiven dus, jongen.

En dan ligt hij naast me, te maffen.
Met mijn hand kan ik hem de hele tijd voelen.
In zijn hals is hij zó zacht dat ik er niet af kan blijven.
Dus als ik op de bank zit te schrijven en zo af en toe eens fijn
onder die kop kan woelen...
Dan voelt dat bijna als een soort van therapie.
Het heeft een ontspannende werking.
Als een soort stressbal waar je in kan kneden.
Mijn hond is mijn stressbal.

En daarom vind ik het OK.
Omdat we er allebei baat bij hebben.
Een win-win situatie voor de hond en mij.

En verder blijf ik de baas.
Oh zo.









zaterdag 3 december 2011

Doodgebloeid

Ik kreeg een plant cadeau.
Een orchidee, in zo'n hoge, glazen cilinder.
Hij stond er mee voor de deur.
Hier, deze is voor jou.

Verschrikt keek ik naar hem.
Verschrikter keek ik naar het gevaar in zijn handen.
Als een man die niet toe is aan het krijgen van een kind,
maar te horen krijgt dat het toch gaat gebeuren...
Ik denk dat ik zo gekeken heb.

Ik heb hem gewaarschuwd.
"Kinderen, dat lukt me nog wel...
Die staan tot nu toe nog steeds prima overeind.
Maar een plánt...!"
Om de een of andere, onverklaarbare reden
verandert bij mijn aanraking alles wat groen is
altijd verdacht snel in bruin.

Maar vooruit, laten we nog eens een poging wagen.
Als eerste heb ik de orchidee bevrijd uit haar glazen kooi.
Gewoon in een mooi potje, op tafel.
Niet te veel water, werd me verteld.
Dus ik niet te veel water.

Na drie weken begonnen haar bloemen te verslappen.
Daarna vielen ze langzaamaan één voor één uit.
Toen ik haar uit de pot tilde bleek ze in een bad water te staan.
Verdrinkende.
Dat was ze.

Hoe.
Kan.
Dat.
Nou...!
Ik heb toch niks verkeerd gedaan?
Ik deed het toch goed?!
Niet teveel water...!

Sorrie, mooie orchidee.
Het is echt niet dat ik je niet mag ofzo.
Ik heb serieus mijn best gedaan.
Maar ik kan het niet.
Hoe ik ook probeer.
Ik ben nu eenmaal een waardeloze plantenmoeder.

En nu ben je stervende.
Het spijt mij zo...