donderdag 19 juni 2014

Vleierij in opdracht

Er zit een gaatje in mijn joggingbroek.
Precies bij mijn bips.
Gelukkig zie je dat niet, want er hangt een versleten rode jas overheen.
Mijn haar heb ik vanmorgen gewassen, dus dat hangt lang en slappig over mijn schouders.
Op dit soort slobberdagen maakt het me niet uit wat ik draag.
Loop ik het liefst overal naar toe op mijn pantoffels.
Zo ook vandaag.
Ik wandel de stad in, heb t-shirts nodig.
En een joggingbroek zonder gaatje.

Tussen de mensen loopt een jongen, ergens midden-twintig schat ik, mij tegemoet.
Zodra wij elkaar passeren spreekt hij me ineens aan.
"Hee, neem me niet kwalijk maar...
Ik zag je zo lopen en ik wou even zeggen dat ik vind dat je er leuk uitziet!"
Verrast kijk ik hem aan en kan niet anders stotteren dan
"Huh...echt waar?! N-nou...eh, dankjewel...!"
Verbijsterd staar ik omlaag naar mijn saaie, altijd zwarte outfit onder die oude, rode jas.
De jongen grijnst wat ongemakkelijk naar me.
"Ja...eh, dat was het..."
"Oh, OK...hahah...nou, bedankt...dag...!"
"Dag!"
Tevreden, maar bijna opgelucht loopt hij verder.
Zijn studie-opdracht is geslaagd.
Dat vermoed ik tenminste.
Waarschijnlijk moest iedereen in de klas vandaag iemand een compliment bezorgen.
Een wildvreemde.
Om reacties los te maken, maar vooral om positieve energie te verspreiden.
En wellicht iets in beweging te zetten, het vlinder-effect.
Wie goed doet, goed ontmoet.
En gewoon om een glimlach op iemands gezicht te brengen.
Nou, dat is hem gelukt, breed lachend scharrel ik verder.
Ik geloofde hem geen moment.
Zijn woorden waren lief, maar zo ontzettend voorbereid.
Dat hij hier nèt mij uitkiest, nèt in deze slonzige toestand.
Hilarisch...
En toch, het was een compleet onverwacht wendinkje in de dag.
Aardige woorden van een totaal onbekende.
Kan mij het schelen dat ze voor willekeurig-wie bedoeld waren.
Ze kwamen bij mij aan, die woorden.
Bij mij!

En dat op een slobberdag.
Met een gaatje in mijn broek.






woensdag 18 juni 2014

Zonnig gestoord

Op een redelijk warme zondagmiddag besluit ik te gaan wandelen.
Van het huis van mijn ouders naar het mijne, daar doe je ruim een uur over.
Het is mooi weer, mijn hond heeft beweging nodig, ik heb ruimte in mijn hoofd nodig, dus een stukje lopen zal ons goed doen.

De eerste helft van de route is behoorlijk groen.
Een wandelpark waar je in de schaduw van de bomen langs het water loopt, bijna helemaal door tot het einde van de wijk.
Vervolgens een stukje bos dat eigenlijk geen bos is, aangezien het zo klein is dat je de auto's aan de overkant gewoon kan zien.
Vroeger liepen hier kinderlokkers, werd ons verteld.
Ik heb er nooit één gezien, maar was desondanks als kind altijd bang om daar te gaan spelen.
Zo passeer ik de tennisbanen, de voetbalvelden, de klimbaan.
Op het race circuit voor speelgoedautootjes is het een drukte van belang, er is een toernooi aan de gang.
Volwassen mannen staren geconcentreerd naar de miniatuurbaan, hun mini-bolide soepel door de scherpste mini-bochten manoeuvrerend...
Het is een spannende wedstrijd, met echt commentaar door echte speakertjes.
Ik denk opgelucht aan mijn lief, die daar niet tussen staat en dat van zijn lang-zal-ze-leven ook niet zal doen.
(Mijn lief springt liever uit vliegtuigen, wat dan weer het andere uiterste is...)

En zo wandel ik de eerste helft van mijn route uit, de groene helft.
Inmiddels zwaar in gedachten verzonken.
Ik sta op het punt om over te steken, bij de flat die mij doet denken aan een badplaatshotel in Tunesië, als ik merk dat er tegen mij gesproken wordt.
Een man op een fiets, blijkt.
Ongeveer mijn leeftijd, misschien iets ouder.
Bruin gebrande huid, korte broek en t-shirt, sportschoenen met neon-gele veters.
Hij ziet er uit alsof hij alles nieuw heeft gekocht om straks te gaan sporten.
Maar dat waarschijnlijk nooit gaat doen.
Hij lacht vriendelijk naar me.

"Ga u hier oversteken?U gaat oversteken hè ja ik moet ook oversteken dan ga ik mee Is dat een Dalmatiër?Da's een Dalmatiër toch Ho pas op hè komt een auto aan Heb je hier voorrang eigenlijk Nee hè tis geen zebrapad Ook geen dalmatiërpad zeker HAHAHA Nou ik moet hier naar rechts naar de Boschdijk dus ja was leuk je gesproken te hebben bedankt hele fijne dag nog tot ziens hè mooie schoenen ja leuk heheheh..."

Daar was geen speld tussen te krijgen...!
Zachtjes schaterend wandel ik door, mijn hoofd omlaag gebogen, glurend naar mijn vaalzwarte H&M gympies.
Mooie schoenen ja leuk...
Ik hou hiervan.
Van dit soort mensen.
Niet helemaal honderd maar toch gelukkig.
Ze doen geen vlieg kwaad en vrolijken je middag op, gewoon door er even te zijn.

Was de hele wereld maar zo.
Niet helemaal honderd, maar toch gelukkig.









woensdag 4 december 2013

Versintsel

"Weet je mama, ik geloof echt wel dat Sinterklaas echt is hoor."
Handje in hand wandelen we samen richting muziekschool.
Mijn acht-en-een-halfjarige dochter en ik, op een druilerige herfstdag in november.

"Oh ja?"
"Ja, want weetje.
Hoe kan het anders dat er zoooo veel mensen naar de intocht gaan kijken?
Ik bedoel, AL die mensen...dan MOET het toch wel echt zijn...!"
Dat is een logica waar ik weinig tegenin kan brengen.
"Tsja, dat is wel zo ja...zou best kunnen..."

Aan mijn hand bestijgt ze een voortuinmuurtje.
Ze balanceert met me mee en springt er aan het einde weer af.

"En weetje, ik weet ook hoe je kan zien of een Piet echt is of nep."
"Echt? Hoe zie je dat dan..."
"Nou, je hebt van die neppe Pieten, die dragen mutsen met maar één kleur.
En echte Pieten hebben veel mooiere mutsen. En die dragen ook van die speldjes, die hebben neppe Pieten niet."
"Ahhh, kun je het daaraan zien?"
"Ja...ik gellloof van wel..."
"Dus echte pieten hebben mutsen met meer kleuren en neppe Pieten hebben maar één kleur."
"Ja...of nee...ja...", ze trekt een moeilijk gezicht, "ik weet het ook niet zo goed wat het is, maar..."
"...je kan het gewoon zíen..."
"Ja! Ik weet niet precies hoe, maar je kan het gewoon zíen!"
Ze kijkt me aan met een blik van "lastig uit te leggen hè? Maar wij begrijpen elkaar!"
Ik kijk haar lachend aan en knik.
Wij begrijpen elkaar.

Ze zit in groep vijf en is nog altijd overtuigd.
Weliswaar begint haar geloof de eerste, lichte barstjes te vertonen.
Maar tot nu toe weet ze die nog altijd op te vullen met aannemelijke verklaringen, gecreëerd door haar eigen fantasie.
Bovendien wil ze nog zo graag.
Geloven dat het waar is allemaal.

Het zal de laatste keer zijn, vermoed ik.
Volgend jaar zal ze waarschijnlijk van haar geloof vallen.
Komt er een einde aan ons Sint-tijdperk.
Schoentjes zetten, liedjes zingen.
Tekeningen voor Sint en wortels voor het paard.
Pakjesavond en hoe spannend dat steeds is.
Ook al is het voor mij persoonlijk vooral alleen maar een hoop gedoe.
Het is mooi om te zien met hoeveel plezier ze opgaan in deze grote, prachtige, traditionele, nationale leugen.
Nog even genieten dus, want deze tijd komt nooit meer terug.
Nu maar hopen dat mijn kleine meisje straks niet al te hard valt...



zondag 10 november 2013

Natte droom

Juli 2013, het is zomer in San Sebastian.
De avond is warm en er zijn veel mensen op straat.
Er wordt gegeten en gedronken, pinxo's, wijn en muziek zijn overal.
Met een ijsje in de hand slenteren we over de boulevard langs het strand, mijn lief en ik.
De zee is zwart en in de verte loert donkere bewolking.
Achter de heuveltoppen ligt het te wachten om ons te bekruipen.

Een straatmuzikant met een gitaar speelt Golden Oldies uit de jeugd van mijn ouders.
Hij doet het niet slecht en heeft dan ook constant wel iemand die blijft staan om te luisteren.
We zijn op de schommels in de speeltuin gaan zitten en zwiepen heen en weer.
Even voelen we ons weer een beetje kind.
De muzikant speelt "Proud Mary" van Ike en Tina Turner.
Luidkeels zing ik mee terwijl ik door de zwoele spaanse lucht zwier en steeds bijna mijn schoenen verlies.
Gelukkig voel ik me.
Wij allebei, geloof ik.

De wolken zijn tevoorschijn gekomen en hebben een onheilspellende bries met zich meegebracht.
Onderweg terug naar ons hotel bekruipt ons het gevoel dat we ingehaald dreigen te worden.
Het naderende onweer sluipt grommend achter ons aan, maar besluit ons toch te sparen.
Op enkele druppels na, van die dikke, zware, slagen we erin om droog aan te komen bij onze slaapplaats.

Maar zodra we goed en wel op onze kamer zijn, barst het los.
Een regelrechte wolkbreuk, van een overweldigend formaat.
Hoe tienduizenden liters ineens naar beneden komen kletteren zoals je dat maar zelden meemaakt.
Het is het type regenbui waarbij ik al jaren verlang om er eens een keer poedelnaakt in te gaan staan.
Dat heb ik nou altijd al eens willen doen en dit is het moment.

Dus trek ik uit wat ik nog aan had, mijn lief volgt mijn voorbeeld.
We stappen op het balkon, dat uitkijkt over een winkelstraat middenin het centrum.
Daar staan we dan en komt ineens, zo onverwacht, een lang gekoesterde wens van mij in vervulling.
Twee naakte geliefden op een spaans balkon, met de armen gespreid en gezichten naar de hemel gericht.
Het is alsof er emmers en emmers tegelijk over ons heen gesmeten worden.
Water, water, mijn make-up en water stroomt over onze piemelblote lichamen.

Op een kletsnatte zomeravond in het hartje van San Sebastian, weet ik dat dit één van die unieke, ultiem zalige momenten is die ik nooit zal vergeten.
De twee vrouwen die op het balkon naast ons onder een afdakje blijken te zitten en geamuseerd opkijken van hun sigaretjes, realiseren zich dit volgens mij ook...